bezige bij nrc.next
Bestel het boek Dus ik ben. Bestel het boek Nietzsche en Kant lezen de krant. Bestel het boek In dubio Bestel het boek Boeiuh

Over In Dubio


Indrukwekkend en verhelderend boek dat gelezen zou moeten worden door iedereen die meent te weten wat wel en wat niet gezegd mag worden.

NRC Handelsblad

Absoluut het beste wat ik over het onderwerp vrijheid van meningsuiting heb gelezen.

Theodor Holman, De Groene Amsterdammer

Dit boek komt net op tijd. Een overtuigend antwoord op de vijanden van de vrije meningsuiting en de open samenleving.

Dirk Verhofstadt, Liberales


Over Boeiuh


Wijnberg blinkt uit in sociologische en filosofische duidingen van alledaagse fenomenen

De Volkskrant

Wijnberg schetst een niet onaangenaam vooruitzicht, zelf voor journalisten

Brabants Dagblad

Intrigerend essay over de mini-problemen van de huidige jeugd

NRC Handelsblad

Applaus voor Rob Wijnberg. Iedereen zou dit boek moeten lezen om te weten waarom jongeren zijn zoals ze zijn

Limburgs Dagblad

17 april 2009
Door: Rob Wijnberg

Essay Zin 67 Verzoeningspolitiek en de mooie woorden van Obama

Net nu de maand van de filosofie het thema 'verzoening' heeft, sprak president Obama verzoenende woorden tijdens zijn rondreis door Europa en zijn verrassingbezoek aan Irak. De president zei 'hernieuwde samenwerking' na te streven tussen de VS en de rest van de wereld. Klinkt als een oud politiek melodietje, maar zo oud is deze verzoeningspolitiek nog niet.  Daarvoor moeten we terug naar het einde van de Tweede Wereldoorlog, toen van verzoening geen individueel maar een collectief proces werd gemaakt - en vergeving een sterk gepolitiseerd en geinstitutionaliseerd begrip werd. Niet altijd met evenveel succes overigens.

Voor verzoening is meer nodig dan mooie woorden

Obama’s verzoeningspolitiek is hoopvol, maar moet Bush niet alsnog ter verantwoording worden geroepen?

Door Rob Wijnberg

Elke woensdag bespreekt Rob Wijnberg een filosofisch dilemma naar aanleiding van een actuele gebeurtenis. Vandaag: de betekenis van politieke verzoening.

Of de Amerikaanse president Barack Obama op de hoogte was van het feit dat de maand van de filosofie in Nederland als thema ‘verzoening’ heeft, valt te betwijfelen. Maar zijn eerste officiële rondreis door Europa leek er wel behoorlijk op geënt. Zo sprak Obama zalvende woorden over een „hernieuwde samenwerking met Europa” in Straatsburg – de stad die symbool staat voor de verzoening tussen Frankrijk en Duitsland na de Tweede Wereldoorlog.

Ook gaf de president ruiterlijk toe dat zijn eigen land zich de afgelopen jaren soms „arrogant” en „afwijzend” had opgesteld en beloofde hij nu beterschap: „Amerika zal verschillende perspectieven respecteren en consensus proberen te bewerkstelligen in plaats van zijn eigen wil op te leggen”. Die verzoenende boodschap sprak hij enkele dagen later opnieuw uit tijdens een verrassingsbezoek aan de Iraakse hoofdstad Bagdad, alwaar hij zei „een nieuw hoofdstuk in de Amerikaanse betrokkenheid met de islamitische wereld” tot stand te willen brengen.
In het licht van deze verzoeningspogingen van president Obama is het interessant om te weten dat verzoening nog niet zo heel lang een politiek begrip is. Tot de twintigste eeuw was verzoening voornamelijk een religieus concept, dat bijna uitsluitend werd gepredikt door de grote wereldgodsdiensten. Met name in het christendom speelt het een centrale rol; sterker nog, het christelijke wereldbeeld is er praktisch volledig op gebaseerd.

Uitgangspunt van dat wereldbeeld is namelijk dat de mens van nature zondig is en zich daarom moet verzoenen met God via het leven, de dood en de wederopstanding van Jezus Christus. Hoe die verzoening in de praktijk precies tot stand kan worden gebracht, daarover bestaan binnen de kerk veel meningsverschillen, maar in de meeste stromingen gaat het om een strikt individuele verzoening tussen mens en God, door een zondevrij leven te leiden in de geest van Jezus. Van collectieve verzoening tussen mensen onderling was hier dus nog nauwelijks sprake.

Dat veranderde vlak na de Tweede Wereldoorlog, toen verzoening een sterk gepolitiseerd begrip werd. Politici begonnen het begrip te gebruiken als middel om bevolkingsgroepen, na een periode van hevig conflict en geweld, weer bij elkaar te brengen. In de sociologie en filosofie kreeg deze praktijk zelfs een naam: politics of reconciliation – oftewel, verzoeningspolitiek. De Amerikaanse socioloog John Paul Lederach, auteur van onder andere het boek The Journey Toward Reconciliation (1999), onderscheidde daarbij vier cruciale componenten: waarheid, rechtvaardigheid, genade en vrede.

Hiermee beschreef Lederach vooral het proces van politieke verzoening: ten eerste moest de waarheid over het ontstane conflict worden achterhaald, zodat de aanstichters op rechtvaardige wijze terecht konden worden gesteld. Daarna moesten de slachtoffers hun genade geven, zodat uiteindelijk de vrede kon worden hersteld. Verzoening werd dus meer een collectief in plaats van individueel proces. Hierin lag direct ook het grote probleem met politieke verzoening: critici stelden namelijk dat met name het proces van vergeving strikt persoonlijk is en dus nooit „kan worden afgedwongen door middel van politiek beleid”.

Om dit probleem het hoofd te bieden, werd verzoening na 1945 ook sterk geïnstitutionaliseerd. Dat wil zeggen, er werden allerlei officiële instanties opgericht die als doel hadden verzoening tussen mensen tot stand te brengen. Zo kwamen er diverse oorlogstribunalen, waar oorlogsmisdadigers publiekelijk werden berecht. De bekendste strafzaken zijn natuurlijk nog altijd de Neurenberg Processen tussen 1945 en 1949, toen hoge officieren en ondergeschikten uit het naziregime werden veroordeeld voor genocide. En ook in Nederland hebben we inmiddels enkele beruchte strafzaken gehad, waaronder die tegen de Servische president Slobodan Milosevic en de nog altijd lopende zaak tegen Radovan Karadzic in het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag.

Pleitbezorgers van dit soort tribunalen zien in deze vorm van publieke rechtspraak een goede manier om verzoening met het oorlogsverleden te realiseren, maar critici – waaronder destijds de nazi’s zelf – beschouwen het daarentegen als een perverse vorm van ‘overwinnaarsrecht’. Dat wil zeggen, in oorlogstribunalen staan altijd alleen de verliezers van een oorlog terecht, terwijl de winnaars wellicht ook grove misdaden op hun geweten hebben. Dat werpt de vraag op of dergelijke tribunalen wel tot echt rechtvaardige veroordelingen leiden.

Om deze kritiek te pareren werd er, naast de oorlogstribunalen, nog een ander politiek verzoeningsmiddel tot stand gebracht: de zogenoemde waarheidscommissies. Deze onafhankelijke commissies kregen als taak de werkelijke oorzaken achter een bepaald conflict te onderzoeken en bloot te leggen. Via deze waarheidsvinding kon verzoening gemakkelijker tot stand worden gebracht, zo was de gedachte.

De eerste commissies werden in de jaren 80 opgericht in Argentinië en Chili, maar het meest succesvolle praktijkvoorbeeld is nog altijd de Zuid-Afrikaanse Truth and Reconciliation Commission uit 1995, die de mensenrechtenschendingen ten tijde van de apartheid onderzocht, door zowel de daders als de slachtoffers te verhoren. Over het algemeen wordt deze commissie beschouwd als een belangrijke spil in de overgang naar een democratisch Zuid-Afrika. Sindsdien zijn er dan ook over de hele wereld tientallen soortgelijke commissies opgericht, met wisselend succes.

Door de publieke verhoren van de Afrikaanse waarheidscommissie werd overigens niet alleen verzoening, maar ook vergeving een gepolitiseerd proces. Want de commissie had niet het recht om misdadigers te veroordelen, maar wél het recht om hen gratie te verlenen. Volgens de Zuid-Afrikaanse aartsbisschop Desmond Tutu was deze politieke vorm van vergeving bittere noodzaak, omdat Zuid-Afrika „alleen door te leren vergeven ooit een levensvatbare democratie zou kunnen worden”, maar de amnestieverleningen waren tegelijkertijd ook aanleiding tot grote protesten. Sommige slachtoffers konden het namelijk niet verkroppen dat hun vroegere onderdrukkers zomaar vrijuit gingen en eisten zware straffen. De kracht van de commissie was dus ook haar zwakte: in haar poging om tot verzoening te komen, wekte ze onbedoeld ook veel wraaklust en wrevel.

Het grote probleem met politieke verzoening is dan ook dat er altijd in een pijnlijk verleden moet worden gegraven om tot echte vergeving te kunnen komen. En daarbij blijkt de vergevingsgezindheid van veel slachtoffers niet altijd even groot. Het is in dat opzicht ook logisch dat president Obama in zijn poging tot verzoening met Europa en het Midden-Oosten vooral veel over de toekomst praat en veel minder over het (recente) verleden.

Zo heeft Obama toegezegd het gevangenenkamp Guantánamo Bay te sluiten, maar is er geen waarheidscommissie ingesteld die had kunnen onderzoeken hoe de gevangenen daar nu precies zijn ondervraagd en behandeld. Ook heeft de regering-Obama beloofd de oorlog in Irak binnen zestien maanden te beëindigen, maar zal er geen proces komen tegen de sleutelfiguren uit de regering-Bush die deze oorlog onder valse voorwendselen zijn begonnen.

De vraag is of deze verzoeningspogingen dus afdoende zullen zijn. Want het is weliswaar uit politiek oogpunt begrijpelijk dat Obama geen oude wonden wil openhalen: door George W. Bush en consorten aan te klagen voor hun illegale oorlog, zal hij waarschijnlijk meer verdeeldheid zaaien in de Verenigde Staten en de rest van de wereld dan hem lief is. Maar toch zal het voor de nabestaanden van de tienduizenden burgerdoden in Irak moeilijk te verkroppen zijn, dat de grote aanstichter van al hun ellende nu rustig met pensioen is in Texas zonder ooit officieel ter verantwoording te zijn geroepen voor zijn beslissingen.

Het zal daarom waarschijnlijk meer vergen van Obama dan een paar mooie woorden en beloftes, om de wereld – en vooral de Iraakse bevolking – met dit pijnlijke verleden te kunnen verzoenen. Om met John Paul Lederach te spreken: daarvoor zullen ook waarheid, rechtvaardigheid, genade en vrede nodig zijn.

Verschenen in nrc.next op 15 april 2009.



Auteur: Rob Wijnberg
Datum: 17 april 2009


Reacties

Er heeft nog niemand gereageerd op deze pagina.

RSS feed van de reacties op deze pagina | RSS-feed voor alle reacties

Plaats uw reactie